De jacht op GT’s in Zanzibar. |
Naar andere verslagen van deze visser. |
Zoals elk jaar werd er weer een vakantie bestemming uitgepikt in functie van het vissen. Al vele jaren dromen we van het vangen van een GT, giant trevally. Na wat onderzoekingswerk kwamen we uit op Zanzibar, een eiland voor Tanzania. Voor moeder de vrouw was alle luxe aanwezig, een exotisch klimaat en de nodige cultuur was er ook. Over het vissen op Zanzibar, werd er op het internet niet veel info gevonden. Maar na het checken van de locatie ivm de huur villa te Zanzibar op Google Earth zag het er vrij goed uit. Villa Loiki ligt vlak aan het strand, en 600 m uit de kust lag een mooi rif die zeker grote vissen moest herbergen. Al vlug werd de knoop doorgehakt nadat we hoorden dat er een kleine boot met een motor van 50 PK en een lokale zeilboot in de prijs van de villa was inbegrepen.
Bij het zien van de foto’s van de verlaten stranden en de riffen begonnen we weg te dromen en verschillende scenario’s te fantaseren. De hengels met het nodige kunstaas werden in de loop van de volgende maanden in gereedheid gebracht. Materiaallijsten werden opgesteld, er mocht niets aan het toeval overgelaten worden, alles moest mee van een simpele haak tot de hengels, kunstaas en reels. Op Zanzibar zelf is er immers geen kans om eventueel deftig vismateriaal te kopen. Voor drie personen hadden we ongeveer een 35 kg aan vismateriaal mee. Veel kleren heb je daar immers toch niet nodig. Na lang wachten was het zover de vakantie kon beginnen. Na een trip van 19 uur vanuit Zaventem via Parijs en Addis Abeba (Ethiopië) waren we eindelijk aangekomen in Stone Town, hoofdstad van Zanzibar. Daar werden we opgewacht door Mr Baker die ons naar de Villa zou brengen. Na een drie kwartier rijden door het Afrikaanse landschap kwamen we eindelijk aan bij de Villa waar we zeer gastvrij werden ontvangen. Na een korte rondleiding door het paradijs, kon ik echt niet wachten om de boot, het water en het rif te zien. Alles voldeed aan mijn verwachtingen, kristal helder water, prachtige riffen en een redelijk stabiele boot die zeewaardig genoeg was voor te vissen op groot wild.
Na het nuttigen van een welkomst drankje werden direct alle hengels, molens en andere vismaterialen gecheckt. Het is al meer dan één keer gebeurd dat tijdens transport hengels of ander materiaal stuk gaat. Gelukkig was alles intact en kon alles gemonteerd worden.
Na enkele uurtjes en vele biertjes later was alles gemonteerd en klaar om te vissen. De biggame hengels, popperhengels, vlieghengels en spinhengels waren allemaal voorzien van de nodige leaders en eventueel staalkabels, in deze regio zit er ook wahoo en de befaamde barracuda met de vele tandjes. Op de dag van aankomst konden we het toch niet laten om nog even te vissen, al was iedereen stik kapot door de lange vlucht. Nondo de schipper had ons verteld dat de volgende morgen het water hoog genoeg stond om over het rif te gaan en enkele uurtjes te vissen. Daarom besloten we om direkt nog wat te gaan vissen met de vlieghengel in de lagune voor het rif. Het was toch laag water en uitstekend om de omgeving wat te verkennen. Hellaas werden er alleen kleine visjes gevangen die amper groter waren dan de kunstvlieg. De vliegen werden gepakt door kleine geepjes, GT’ kes en zeer kleine barracuda’s. Niet echt de moeite om gericht op te vissen. Wij hadden namelijk gehoopt hier en daar een bone fish te bespeuren maar die konden we niet vinden al was dit een ideale biotoop.
Na een goede maar vrij korte nachtrust konden we voor de eerste keer op het groot wild gaan jagen. Wij hadden afgesproken met Nondo de schipper om 4.00h s’morgens op het strand aan de boot.
Nondo was op tijd en na alles geïnstalleerd te hebben waren we vertrokken. We moesten ongeveer een kwartiertje varen om over het rif te komen. Nondo had besloten om rond het eiland Mnemba wat te trollen. Voor ons was dit ideaal zo konden we het water wat leren kennen en zien hoe de bodemstructuur en dieptes verliepen. De hengels werden voorzien van verschillende pluggen, 2 dieplopende en 2 ondiep lopende . De dieplopende pluggen werden direct achter de boot te water gelaten en de 2 ondiep lopende pluggen zwommen stukken verder achter de boot. Hierdoor is de kans op in elkaar lopende pluggen veel kleiner. Na een kwartiertje werd de eerste beet geregistreerd en gemist, dit was waarschijnlijk een kleine baracuda aan de mishandeling van de plug te zien. Nog geen 10 min later begon er terug een reel te schreeuwen. Hier was het al vlug duidelijk dat het om een kapitale vis ging. Na enkele seconden werd ons vermoeden bevestigd, een gigantische wahoo doorbrak het wateroppervlak en maakte acrobatische sprongen om van de plug af te komen. Na een tien tal minuten lag de wahoo naast de boot.
Nondo de schipper was zo zenuwachtig dat hij tijdens het gaffen de haak afbrak in het lichaam van de wahoo. Hij was dus niet echt gewoon om grote vissen te vangen. Na kort overleg werd er beslist om de vis langs achter in de boot te trekken met de dubbele leader. Helaas verliep niet alles zoals gepland! Tijdens het binnen trekken van de vis sprong Nondo er tussen met een klein stokje om de vis bewusteloos te slaan voordat de vis in de boot lag. Een tekeningetje moet ik hier niet bij maken. De vis werd met veel finesse gewoon van de haak geslagen en ontsnapte met de gaf in zijn lijf. Kort daarna ging de sfeer onder het vriespunt al was het daar 38 °C, maar we waren wel overtuigd dat er grote rovers voor de kust zaten. Tegen de middag konden we toch voldaan terug keren naar ons verblijf.
Al vlug hadden we door dat we het vissen van de kant goed konden combineren met het vissen vanuit de boot. De boot kon enkel gebruikt worden indien het water hoog genoeg stond om over het rif te geraken. De lagune tussen de het rif en het strand fungeerde in feite als een natuurlijke haven. Op de momenten dat de boot niet ingezet kon worden konden we van het rif vissen voor de deur. Op het moment dat het rif zichtbaar werd konden we de lagune te voet oversteken. Daarom besloten we om s’middags na het eten op het rif te vissen. Goed ingesmeerd met zonnebrand olie vertrokken we met volle moed naar het rif. Tot net over de helft was dit vrij aangenaam maar eenmaal over de helft van de lagune begon de miserie. Er lagen zo veel zee-egels dat het op sommige momenten bijna onmogelijk was om je voeten te zetten op een stukje zand of rif zonder op een egel te trappen. In de lagune kweekten de lokale vrouwen zeewier om cosmetica producten van te maken, ook daarvoor moest men opletten. Die vrouwen kunnen het niet appreciëren dat hun zeetuintje en soms hun enige inkomen verwoest werd.
De eerste keren deden we er ongeveer drie kwartier over om te voet van het strand tot aan het rif te komen. Maar na enige oefening konden we dit reduceren tot een 20 tal minuutjes. Na een tijdje geraak je wel getraind om deze vreselijke prikkende beestjes en het vlijmscherpe koraal te ontwijken. Het rif hebben we met alle soorten kunstaas uitgeworpen, van grote poppers van 150 gr tot pluggen, shads en kleine lepeltjes. We merkten al vlug dat kleine lepeltjes het stukken beter deden dan alle andere kunstaas. De lepels waren ideaal om ver te werpen met betrekkelijk licht spin materaal en snel ondiep binnen te vissen. Wat ook cruciaal was om een aanbeet van een vis uit te lokken. Pluggen en shads werden vlugger geparkeerd op het rif dan je ze kon aanknopen. Door de grote golven verkregen we een enorm diepte verschil. Het ene moment was het 20 cm diep en het ander moment was het 2 m diep en dit resulteerde enkel en alleen in vast lopers.
De kleine lepels zijn in feite lepels ontworpen om op de zeeforel te vissen van het merk Hansen en zijn uiterst geschikt om kleine GT’s en andere soorten rifbewoners te vangen. De haken van die lepels zijn vrij goed, al hadden we door de hevige drills af en toe toch nog een gebroken dreg. Wil je dit voorkomen vervang dan de dreggen door heavy duty dreggen van Gamakatsu. De vissen waren niet altijd groot maar wel zeer sterk, mooi en erg leuk om te vangen op een spinhengel. Het rif herbergde een grote variëteit aan vissoorten, maar kleine Gt’s werden het meest gevangen. Redelijk wat vis werd ook afgeven door breuk, was het niet door het vlijmscherpe rif dan was het wel door een zeer sterke vis.
Het was wel duidelijk dat er van de kant beter s’morgens en s’avonds werd gevangen dan overdag in de hitte. Tijdens de middag was het eigenlijk niet menselijk en verantwoord om in de zon te lopen. Maar ja, het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Grote aantallen werden er niet gevangen maar na ieder bezoek aan het rif wisten we toch enkele vissen te strikken.
Het bootvissen was ook niet zo eenvoudig, daar hebben we bijna alle technieken toegepast die we kenden. De één was al meer succesvol dan de andere en het vissen met de locale vissers was ook al een avontuur op zich. Wij hadden van thuis onze eigen diepte meter mee genomen om toch een beetje het bodemverloop te kunnen volgen. De eerste dagen kon Nondo de schipper zijn eigen zin wat doen, maar later op de vakantie moest hij toch onze gewenste dieptes aanhouden, dit was niet altijd evident. De schipper was immers gewoon om zo wat rond te varen. De eerste dagen werd er hoofdzakelijk getrold en dit bracht af en toe wat vis op, hoofdzakelijk kleine baracuda’s en kleine GT’s
Het doelloos trollen was niet zo efficiënt, daarom besloten we te diepzee vissen met pilkers, shads en natuurlijk aas, maar helaas bracht dit ook niet veel meer op, zelfs geen haai. Popper vissen was ook niet productief, er werd geen enkele vis gevangen op grote poppers en in deze visserij werd er enorm veel tijd gestoken. Het vissen met lichte spinhengels en kleine pilkertjes op een meter of 20 diep was dan wel zeer productief, maar ook hier konden we geen enkele kapitale vis vangen. Deze kleine vissen trokken één na één de spinhengels krom tot in het handvat, het was eigenlijk raar dat zo’n kleine visje zo sterk konden zijn. Alle soorten snappers werden gevangen, triggerfish en zelfs enkele trompet vissen kwamen aan boord.
We amuseerden ons wel rot maar hiervoor waren we eigenlijk niet naar Afrika gekomen. Daarom besloten we de laatste dag onze goesting door te drijven bij de schipper. De laatste dag waren we van plan om s’morgens rond 5.00 h te vertrekken en s’avonds tegen een uur of 5 terug te komen. Dit was niet helemaal naar de zin van de schipper, maar klant is koning. Wat de schipper nog minder leuk vond was dat hij de volledige dag op dieptes moest varen die wij vroegen. De dagen voordien hadden we naar mijn gevoel veel te diep gevist, hoofdzakelijk tussen de 60 en 80 m, daarom wilde ik de laatste dag tussen de 10 en 30 m blijven. De eerste uren kregen we redelijk wat beten , maar geen enkele vis werd geland. Daarom wisten we dat onze tactiek juist was en zo moesten doorvissen tot grote ergernis van de schipper. Op een bepaald moment zagen we de stroming opkomen, wat we de vorige dagen nog niet gezien hadden. Deze stroming was wel het verschil tussen vissen en vangen. Al snel werden de eerste vissen geland, GT’s van toch enige respectabele afmetingen konden op de foto. De reuzen waren we nog niet tegen gekomen , maar dit kon bij ons de pret niet drukken. De ene GT na de ander volgde. Iedereen was gewoon in de wolken, zelfs de schipper.
Op een bepaald moment was het ineens gedaan met de GT’s en hadden de barracuda’s het feestje overgenomen. De ene aanbeet na de ander volgde en mooie barracuda’s werden geland. Sommige volgden de plug tot aan de boot en ik kan je verzekeren als je een aanbeet krijgt van zo’n vis juist voor de boot, op het moment dat je de plug uit het water wilt heffen is dit wel even schrikken.
Die laatste dag was wel voor ons de kers op de taart. Die dag hebben we nog een kapitale vis gemist waarvan we zeker waren dat het een monster was. Een swivel met een trekkracht van 275 pond werd zonder moeite open geplooid, ik zelf had moeite om deze ondingen te openen. In de loop van de vakantie dachten we echt dat er geen grote vis meer zat. De enige sleutel tot succes was stroming. Geen stroming niet veel vis. Het is wel een feit dat dit stukje van de kust enorm veel bevist wordt door de locale bevolking in zelf gemaakt bootjes met als enige aandrijving een versleten zeil en enkele roeispanen. Helaas zitten er ook grotere boten tussen die volledige stukken van de kust afzetten met warrelnetten. Dit is niet zo bevorderlijk voor het sportvissen. Maar deze mannen wisten wel hun vis binnen te brengen, ook hoofdzakelijk kleine vis, met sporadisch een grotere vis tussen. Reuze vissen werden zelfs niet gezien op de lokale markten, maar misschien waren wij er juist in het verkeerde seizoen.
Toch hoor je ons niet klagen, het was een onvergetelijke reis en het eerste contact met het Afrikaans continent smaakt naar meer. De mensen zijn enorm gastvrij en vriendelijk, het enige waar je rekening moet mee houden is dat je wat geduld moet hebben. Alles gaat wat trager dan in Belgie. Maar dit is geen probleem als je op vakantie bent.
hakuna matata.













