Sitemap
bannerdecowebshop

Op jacht naar vroege voorjaarsbaarzen

Naar andere veslagen van deze visser.

Als ergens begin februari de eerste lentezon zich van haar goede kant laat zien is het voor ons kunstaasvissers moeilijk om niet aan vissen te denken. Het einde van het seizoen nadert, dus de perfecte gelegenheid om er nog even vol tegenaan te gaan en te genieten van de eerste lenteprikken.
Dit is ook een zeer goede periode om actief achter de grote baarzen aan te gaan. Deze beginnen stilaan aan de paai te denken en kruipen ruim hiervoor de ondiepe oeverzones in.
Het is nu ook mogelijk om meerdere dikke vissen van één zelfde stek te plukken. En met dikke vissen bedoel ik baarzen vanaf 45 cm tot over de halve meter.  De fiere stekelridders zitten nu vol kuit, zijn kogelrond en hebben hun mooiste jasje aangetrokken.

1


De ideale visstekken zijn de ondiepe oeverzones van rivierplassen, ondiepe zones met basaltblokken en rietstengels die in het water staan, op een ondiep talud. Vergeet ook de zandbanken niet, die bezaaid zijn met mosseltjes. Een groot ondiep plateau dat afloopt van een halve meter tot maximum drie meter, verdient het ook om goed uitgekamd te worden.
De techniek die ik hanteer om de baarzen achter de vinnen te zitten is eigenlijk vrij eenvoudig. Er wordt steeds trollend gezocht, waar de vissen zich ophouden. Tijdens het trollen wordt er een diepte aangehouden van anderhalve meter tot maximum 2,5 meter diep. Komen we op een “hotspot” terecht, waar meerdere aanbeten zich in een snel tempo opvolgen dan is het de bedoeling om dit traject meerdere keren af te trollen. Dubbelvangsten zijn dan geen uitzondering.
Wel worden dan beide dieptemeters afgezet om zo geen argwaan te wekken, grote baarzen kunnen soms erg schuw zijn. Het constante getik van de sonar kan de bekken al snel doen dicht slaan, zeker op ondiep water. Als de dieptemeter uitgeschakeld wordt is waterkennis wel een absolute vereiste, het kan soms tot op een meter nauwkeurig aankomen. Een tikkeltje meer naar links of naar rechts varen, beslist soms over vangen of niet vangen.
Een mooi hulpmiddeltje uit de oude doos zijn de fluo – oranje Mann’s boeitjes.
Deze liggen steeds gebruiksklaar. Zo kan je met enkele boeitjes een “dodelijk” parcours uitstippelen. Zelfs zonder de nieuwste technieken zoals GPS.

2


Volgen er geen aanbeten meer, dan wordt de stek nog goed afgevist met softbaits. Al werpend traag over de stek driften, wil de vissen nog wel eens terug doen azen. De shad mag beslist in een snel tempo teruggevist worden. Ook verkies ik in deze periode shads met een schoepstaart, die veel kabaal maken onder water. Wat vaak opvalt bij het werpend vissen is dat je twee of drie vissen van een klein stekje plukt en dat het daarna over is. Grote baarzen zijn echt geen dommeriken en je moet vaak alles uit de kast halen om succesvol te blijven.
Bij het trollen wordt er uiteraard gekozen voor ondiep lopende pluggen, liefst met kogeltjes in.
Als ik aan de binnenkant vis, zeg maar op de helling, gaat er in mijn steunhengel een Illex Diving Chubby. Dit plugje doet het overigens werpend ook uitstekend en loopt een anderhalve meter diep. Aan mijn handhengel hangt de Illex TN60. Deze ratelplug is voorzien van verschillende kogeltjes, die inwendig in de plug zijn ondergebracht in verschillende holtes. Deze plug loopt maximaal twee meter diep en heeft de typische “nose down” actie meegekregen. Dit wil zeggen dat hij met zijn neus tegen de bodem loopt en met zijn kont omhoog staat. Zo pakt hij ook bijna nauwelijks vuil van de bodem en zijn “vasthangers” te verwaarlozen.

3


Zit ik aan de buitenzijde, dan vis ik aan de diepere kant van de helling en neem ik meestal een wat grotere plug in de steunhengel, de Illex DD Squirrel. Deze plug voel je goed over de bodem tikken en belangrijk, als hij in de steunhengel gevist wordt zie je dit nog eens goed ook. Hij gaat maximum 2,5 meter diep. Ook zitten er enkele kleine kogeltjes in verwerkt. De laatste van mijn favoriete baarspluggen is de Diving Cherry. Zijn maximale duikdiepte is twee meter en is uiteraard ook weer van inwendige rateltjes voorzien. Het enige nadeel aan dit plugje is dat hij niet met grote snelheid gevist kan worden.
Mijn pa zweert dan weer bij de DT 4 van Rapala. Deze plug geeft aan dat hij maximum 1,60 meter diep gaat, toch haalt hij vlot twee meter.

4


Uiteraard kan je de duikdiepte van je plug zelf wat regelen door deze verder of korter bij de boot te houden. Ook de lijndikte speelt hierin een cruciale rol. Hoe dunner de lijn, des te minder weerstand de plug hiervan ondervindt. Je kan dus stellen dat je plug tijdens het trollen dieper zal lopen met een dunnere lijn. Wel gebruik ik steevast een dun en flexibel staaldraadje, omdat een aanbeet van een snoek nooit uitgesloten is. Het is dan ook van belang om de wartels klein te houden, om zo de actie van de toch relatief kleine pluggen niet te beïnvloeden.

5


Als je zelf aan het roer zit is het nuttig om de motor af en toe eens heel even in zijn vrijloop te zetten. Zo worden de pluggen wat afgeremd en minderen ze vaart. Nu wordt er even een “zweefmoment” van de aasjes bekomen. Het gebeurt niet zelden dat er daarna een aanbeet volgt.

6


Wat ook nog wel eens wil werken is met enige regelmaat wat tempo in je plug te brengen door je hengel met een forse ruk naar achter te trekken. Zo geef je de plug even een hele zenuwachtige actie mee en kan je een twijfelaar alsnog over de streep trekken.
Als handhengel verkies ik een lichte baitcaster van 195 cm met een parabolische actie en een werpgewicht van 7 tot 17 gram. Het nadeel is wel dat je de lichte plugjes niet al te ver kan werpen met een klein reeltje, maar dan geef ik gewoon wat extra lijn. Uiteraard kan er ook getrold worden met een licht spinhengeltje met dito molen. In de steunhengel gaat een iets langere spinhengel van 2.40m of 2.70m. Zo blijven beide pluggen voldoende ver uit elkaar, zodat ze niet snel verward zullen raken. De hengels zijn voorzien van een snelle topactie, zo heb je het plugje perfect onder controle en kan je op de minste tik reageren. Op de molens zit een dyneema lijn van 08/100 tot maximaal 10/100.
Het prettige aan de parabolische hengels is dat deze zo mooi doorbuigen en het typische kopschudden van grote baarzen perfect doorseinen. Kortom je beleeft enorm veel plezier aan een dril met een parabolische hengel.
Nog al te vaak wordt de baars niet “aux serieus” genomen. Mits aangepast materiaal is en blijft het een echte straatvechter en kan je er een hoop plezier aan beleven.

7

Uiteraard zijn de snoekbaarzen meestal ook niet ver weg te denken. Ze lopen er gewoon tussendoor als bijvangst. Meestal zijn het nog de grotere exemplaren, die ook al druk bezig zijn voor de aankomende paai.
Elk plugje dat dan nog maar in de buurt komt van hun nest zal niet lang onaangeroerd blijven.
Het valt wel op dat de snoekbaars in het voorjaar een grote voorkeur heeft voor ratelpluggen zoals de Illex TN serie. Vang je ergens een mooie snoekbaars, kun je er bijna je portefeuille op verwedden dat er nog meer in de buurt liggen.

8

In deze tijd van het jaar heb je de kans om die echte bakken van baarzen tegen het lijf te lopen. Ze zijn volop aan hun voortplanting aan het denken en doen zich nu nog massaal te goed aan prooivis, om zo sterk genoeg te zijn voor de aankomende paaiperiode.
Het is dan ook belangrijk dat elke gevangen vis zorgvuldig terug aan het water wordt toevertrouwd, zodat deze prachtige vissen voor een goed nageslacht kunnen zorgen.
Iedere visser zou zich hiervan bewust moeten zijn. Onze visstand is kostbaar en blijft niet onuitputtelijk.

9


Catch & Release

Vriendelijke baarsgroeten,

Van Opstal Jelle

Links:

Blog: Kim

Blog: Johan De Jong

Blog: Lund1660

Blog: NBfishing

Blog: Carolo predators

Blog: Mr Nevetski

windguru

labrax

www.infocentrum-binnenwateren.nl/ hoogwater

www.getij.nl

kustweerbericht

www.knmi.be

kmi

tackletour

nks

vrf

baarsvissen

Hostellerie - Restaurant Rotheim

vlietlanden

wiesje

Charterboot Nautilus

www.zeeboenken.be

Snoekclub Runkelen

www.bobbewieter.be

www.2predators4you.be

zanderfishingteam