Een dagje driften: |
Naar andere verslagen van deze visser. |
Zaterdag 19 februari een dagje het water op met m’n pa. Na enkele slechte sessies op het Volkerak was de nood aan aanbeten groot.
Vol goeie moed vertrokken we ’s morgens vroeg naar de grote plas. Eenmaal aangekomen bleek het flink te waaien en zagen we dat de wind langs over het water stond. Alles uitgeladen, een babbeltje met collega’s en daarna vlot getraillerd.
Bij uitzondering hadden we ons die dag zelfs voorzien van aasvisjes. Het vissen met de fire-ball zou als eerste aan bod komen die dag. Een mooie rode fire-ball met een klein visje er op zorgde al snel voor de eerste aanbeten. Maar het heeft me zeker 6 missers gekost voordat de eerste glasoog zich mocht aandienen. Bij m’n pa ging het niet echt vlot, hij had vaak vuil aan de haak (al driftend vis je best met de hengel vrij hoog omhoog, dit zorgt voor een betere controle).
Die lustte wel een lekker hapje
De fire-ball gaf niet echt het gewenste resultaat bij me en daarom ging ik maar experimenteren met shads. Slugs, finn-s, grote cullprit,… ze passeerden allemaal de revue. Er was één ding wat steeds terugkeerde. Op alle shads kreeg ik aanbeten, maar op geen enkele bleef er een groot percentage hangen.
Af en toe bleef er eens eentje hangen.
Tot ik het kleine cullpritje op een 17-grams loodkopje aan de fluorcarbon knoopte. Binnen de minuut bood er zich een mooie vis van 78cm aan. Al snel was het vertrouwen gewonnen en had ik de juiste vibes te pakken.
Voor deze vissen doen we het…
Vis na vis diende zich aan en niet zelden moest ik het kleine shadje achteraan in de bek van de stekelridders gaan zoeken.
Honger of agressie???
Toen het op een gegeven moment 12-0 voor mij was werd het toch wel echt tijd dat m’n pa zijn aasvisje inwisselde voor een cullpritje. Ook bij hem begonnen nu de aanbeten te komen.
Verkleumd van kou, maar trots op zijn vangst
We hebben de hele dag niets anders gedaan dan driftend gevist. Een 3-tal kilometer windop varen en dan met behulp van een driftzak weer laten afzakken met de wind.
Zoals je op onderstaande afbeelding kunt zien zet ik de driftzak ongeveer in het midden van de boot. De boot remde af zodat we relaxt konden vissen tegen ongeveer 1,2km/h. Ondertussen kun je met de elektromotor bijsturen zodat je het talud kan volgen.

Ik volg op de dieptemeter nauwgezet wat er gebeurd en ik probeer zolang mogelijk het talud te volgen. De meeste aanbeten kreeg ik mooi in de knik van 6 naar 8 meter . Na verloop van tijd begon ik een wederkerend iets te zien , telkens als ik bovenaan op de dieptemeter de diepte op 8 meter zag en de bodemlijn weergegeven werd op 6m (zet de dieptelijnen op je dieptemeter ,anders kun je het verschil niet zien) was het bingo.

Na een ganse dag hetzelfde spelletje te hebben uitgevoerd konden we de teller afdrukken op 43 stuk, waarvan er 36 voor mijn waren en 7 voor mijn vader.
conclusie : Het aasvisje heeft zijn vangkracht niet bewezen, het kleine cullpritje was de absolute nr 1 en een glijbeweging van de shad net boven de bodem creëren was die dag de truc om de snoekbaarzen te strikken.
Vissende groeten Kim
PS: reageren kan via Blog: Kim à reacties op artikel.













