Een zomers wrakkentochtje. |
Naar profiel van deze visser. |
Eindelijk was het dan zover. Na maanden uitvluchten zoeken vanwege iets wat schommelde tussen een midlifecrisis en overwerkt zijn, gingen we dan toch terug de zee op.
Windstille dagen zijn dit jaar zelden. Maandag 11 juli 2011 was het dan zover. Gezien het feit dat mijn bouwvakantie nog maar net begonnen was en ik nog heel wat slaap in te halen heb, besloten we om pas tegen 8 uur te vertrekken.
Iets voor tienen kwamen we aan de helling. Het was er druk. Maar niet overdruk.
De boot werd vlot en veilig te water gelaten en met een slakkegangetje tuften we tussen de pieren door.
EƩnmaal in open water mocht het gas erop. Er stonden toch meer golven dan verwacht en dus vaarden we tegen slechts 35 km per uur naar onze bestemming. Na iets meer dan een uur bereikten we het eerste wrak.
Grote boten, diep water.
Dadelijk kwamen de eerste gullen aan boord. Nog niet echt het formaat waar we naar op zoek waren maar wel leuke sport aan licht materiaal. We visten zoals gewoonlijk met de St-Croix Avid en de Illex Ashura Avalanche. Dit in combinatie met een Shimano Stradic 6000 en een Shimano Stradic 5000. Als gevlochten draad gebruikten we deze van Benny Muizelaar op de 5000 en de Power Pro op de 6000. Allebei 15%. Fluocarbon en een pilker uit de 80-110 gram klasse vervolledigden het plaatje. Deze 2 combinaties laten toe plezier te beleven aan een kleine vis doch hebben genoeg power en body voor het zwaardere werk. En gevoelig zijn deze stokken. Zelfs de kleinste steenbolk voel je tegen je pilker tikken.
Ook een rode poon kon de pilker niet weerstaan.
Rode poon(tje).
Deze kleurrijke vissen, ze hebben helblauwe randen aan hun borstvinnen, zijn altijd een leuke bijvangst.
Naast makrelen en horsmakrelen waren ook de onvermijdelijke steenbolken van de partij. Veel klein grut en dus op naar het volgende wrak.
Binnen een half uur waren we daar. Het water was intussen een stuk kalmer. De zon scheen volop. Wat wil een mens nog meer. Dikke gullen natuurlijk.
De eerste driften kwamen er een aantal mooie vissen aan boord.
Nog geen supervissen doch gullen tussen de 50 en 70 cm die al heel wat sport geven.
Mooie zomergul.
Het favoriete aasje van de dag was weer de pilker. Keer op keer stortten de gullen zich vol overgave op dit kunstaasje.
Op een bepaald ogenblik besloot Wes het meest westelijke punt van het wrak te nemen. Hier was het echt bingo. Mooie grote vissen tot 90 cm kwamen nu uit het water.
Leuke gul.
Deze gullen geven leuk weerwerk van op 35 meter diepte. Goed voor de armspieren.
Op een gegeven ogenblik kreeg ik een beuk van jewelste op mijn hengel en dadelijk begon de slip te lopen. De vis nam 5 meter, ik nam er 10. Om en om was het geven en nemen. Zo ging het een vijftal minuten door. Net op het moment dat ik dacht dat de vis nu wel zichtbaar moest worden, komt daar die vreselijk tik door op je hand. Vis los. Was dit mijn supervis of was het een fout gehaakte vis? Deze laatsten durven zich ook wel eens voordoen als een supervis. Ik zal het nooit weten.
Rond 17 uur ging de stroming eruit. Gezien het doodtij was, duurde de kentering bijna 2 uur.
De kisten waren vol en dus besloten we maar terug te varen.
Een gelukkige visser.
Het was een visrijk dagje met een grote visdiversiteit.
Gul, zeebaars, pollak, rode poon, horsmakreel, makreel en steenbolk passeerden allen de revu.
Een visdag op zee: onbetaalbaar.
Het was weer een superdag.
Vang ze,
Mark













