Grote – shad – praat. Deel 2
Weedless-montage.
Een van mijn favoriete visserijen met shads is deze weedless tussen de plantenbedden doorvissen. Geregeld krijg ik hier als opmerking over: ‘op deze manier mis je toch aanbeten’. Dit klopt. Maar, je zal aanbeten krijgen waar je met niets anders kan vissen, dus, de vissen die blijven hangen zijn sowieso een bonus. Wat is er bovendien mooier om een shad die je op het zicht tussen de plantjes doorvist plots te zien verdwijnen in een agressieve snoekenbek. Het lijkt dat de snoeken die in dit soort hinderlaag liggen te wachten op een prooi weinig wantrouwen hebben, en zonder twijfel aanvallen. Doordat de shads die ik hier voor gebruik meestal niet te zwaar zijn, kan je deze aan een niet te zware hengel vissen. Bij voorkeur neem je voor deze visserij een hengel met een zachte top, zodat de shad goed ‘opgezogen’ kan worden bij een aanbeet, maar toch met voldoende ruggengraat om de vissen uit de planten te dirigeren. Neem ook je hoofdlijn niet té licht om deze reden. Voor deze visserij gebruik ik voornamelijk de Fin-S van 10”, de Fin-S van 7” alsook de medium en grote toads. De montage is simpel, gewoon één keelhaak dewelke je volledig probeert weg te moffelen en klaar is kees. Voor de grote toads bestaan er speciale keelhaken van Pike Master Lures. Bedoeling is dat je deze aanbrengt zodat de haakpunt net in het gleufje boven de shad valt. Je kan het puntje van de haak heel licht in de shad prikken, om te vermijden dat na enkele worpen je haak helemaal uit de shad steekt, en dat je planten haakt. Voor de 3 andere pas ik een klein trucje toe. Ik steek de keelhaak door de shad, en aan de bovenkant van de shad maak ik met een stanley mesje een klein slipje van enkele mm diep waar je de haak kan laten invallen. Dit zal tijdens het vissen net genoeg klemmen om de haak op zijn plaats te houden maar niet hinderen bij een aanbeet. (de zogenaamde “truc met het slipje...”)
De manier van vissen is niet moeilijk. Gewoon uitwerpen, en de shad zo attractief mogelijk binnentikken. Het is wel best dat je probeert visueel contact te houden met je shad. Je zal merken bij een aanbeet waarom. Vaak schuiven de vissen vol over de shad, maar deze is vaak even zo snel uitgespuwd, zonder dat je maar iets voelde. Net zoals met oppervlakte aas is het vaak kwestie van experimenteren en inschatten om op het juiste moment aan te slaan. Als je geen visueel contact kan houden is het concentreren geblazen, en contact houden met de shad, deze mag in feite geen mm slappe lijn krijgen (en dan nog ben ik ervan overtuigd dat je aanbeten mist, die je zelfs niet eens opmerkt).
Ook in de polder vis ik wel eens met de 10” Fin-S, maar dan schuif ik een dregje nr 2 over de keelhaak, dewelke ik vrij aan de onderkant van de shad laat bengelen. Kleinere snoekjes vatten deze wel eens aan de voorkant in de plaats van er volledig over te schuiven, vandaar.

Setje Weedless toppers
Gemonteerde shads.
In de winkel kan je ook kant en klare shads kopen. Het lood is hier reeds in verwerkt, en ook de haken zijn reeds gemonteerd. Hier zitten echt heel goede dingen bij, die hun diensten reeds bewezen hebben en ook nu nog goed vangen. Ik denk dan aan de Replicant van Fox en de Bulldawg van Musky Innovations. Moesten die 2 er niet zijn, had ik en vele anderen al vele vissen mislopen! Verder vis ik ook met de Realfish Perch van Musky Innovations, de Seeker shad van Storm en dé hit van de laatste periode: de (baby) Shadclones en Cisco’s van Musky Innovations.
Toch vind ik dat de manier waarop deze shads gemonteerd zijn vaak te wensen over laat. In de meeste gevallen worden er grove, lompe en véél te grote haken gemonteerd. Bijvoorbeeld op de grote shadclones hangen haken dewelke je zo kan verwijderen en naar de slager kan brengen. Deze heeft er ast wel een bestemming voor (om links of rechts een karkas in zijn koeler te hangen bijvoorbeeld). Meestal doe ik direct enkele aanpassingen aan deze shads als ik ze koop. Enkele voorbeelden:
Replicants: bij de oude versie verwijder ik de onderste haak, dewelke enkel vastzit door een ringetje dat in het lood gegoten is. De bovenste haak knip ik af. In de plaats ervan monteer ik een –voor de grootste maten 2- stingerlijntjes met een haakje 1 dewelke ik boven op de rug vastprik. Indien de replicant hierdoor uit balans geraakt en schuin door het water loopt, bevestig ik rond het oogje onderaan wat bladlood of looddraad (in de vliegbindwereld verkrijgbaar). De nieuwe ‘Euro’Replicants zijn veel beter gemonteerd en in feite klaar voor gebruik, doch ik heb liever de oude versie; dewelke naar mijn mening iets dikker en sterker is.

Replicant in de pinarie
Bulldawgs: haken onderaan worden verwijderd, de rughaak knip ik af. Bij de 9” versie monteer ik één dreg nr 1/0 op de rug net achter de rugvin. Bij de 12” monteer ik 2 dreggen nr 2/0, een vooraan en een achteraan, net voor het begin van de staart, beiden op de bovenkant. De 15” idem als de 12” maar dan met 2 dreggen 3/0. Indien de bulldawg uit balans loopt, monteer ik onderaan aan het voorste oogje een olijfloodje. Hiervoor gebruik ik fijn koperdraad dat je vind voor Drachkovitch montages, of in een bloemenwinkel, waar het gebruikt wordt voor bloemstukken te maken. Je kan dit door de bulldawg steken en mooi vastdraaien (zie foto voor vb).
Ook doe ik nog een extra trucje om de bulldawgs soepeler te maken. Net tussen het achterste oogje en de rugvin maak ik onderaan of langs de zijkant met een stanley mesje een inkeping tot aan het harnas dat binnen in zit. Dit knip ik door met een kniptang. Vervolgens terug dichtlijmen met softbaitglue of dichtsmelten met een aansteker.

Montage Bulldawgs
Shadclones: bij de baby shadclone haal ik de voorste haak en splitring weg. De achterste haak vervang ik door 1 dreg 1/0. Bij de grote shadclones vervang ik beide dreggen, allebei door een 1/0. Vrienden van me zweren bij het gebruik van een 2e splitring. Deze zou de montage flexibeler maken en het aantal lossers inperken. Ik doe dit niet, om te vermijden dat de haak nog wat verder van de shad komt te hangen bij een aanbeet. De shadclones zijn op zich al hoge harde stukken kunstaas, dus ik heb mijn haak er liefst zo kort mogelijk bij. Wie heeft gelijk? Tijd zal het uitwijzen, misschien zit er in allebei wel een stukje waarheid.
Cisco’s: idem als baby shadclones.
Realfish Perch: de vleeshaken onderaan worden verwijderd. In de plaats ervan monteer ik 2 dreggen nr 1 aan een stingerlijntje, dewelke elk langs een kant in de shad geprikt worden, hierbij erop letten dat dit zo strak mogelijk gebeurt. Dit om in de war werpen te vermijden. Deze shad heeft immers een grote sikkelstaart, en ik gebruik hem voornamelijk werpend. Bij deze montage moet je ook wat bladlood onderaan monteren, anders zal hij niet erg juist door het water lopen!
Storm seeker shad: bovenste haak wordt afgeknipt, en dit volstaat in principe; de ene dreg die onderaan hangt is van redelijke kwaliteit en formaat.
Wellicht vragen sommige mensen zich af of deze aanpassingen wel echt nodig zijn. Je zal zonder ook wel een vis vangen. Dit is zeker zo, maar op de lange termijn zullen deze kleine aanpassingen je zeker meer vissen opleveren. Bovendien zijn de gemonteerde dreggen niet echt snoekvriendelijk. Vaak takelen ze de bek (en soms meer dan dat) lelijk toe, en dat is niet wat ik wil als snoekvisser!
![]() |
![]() |
| De heilige drievuldigheid | Dikke vissen aasje |
![]() |
![]() |
| Een haak op de baby ruim voldoende | Snoekbaars op de Weedless 10 inch Finn S |
In het derde en laatste deel zal ik jullie enkele van mijn favoriete shads tonen, met kort een beschrijving onder welke omstandigheden ik ze respectievelijk inzet. Tenslotte nog enkele korte tips, en dan wordt het grote – shad dossier definitief afgesloten. Aan iedereen die het water opgaat veel succes!
Snkgrt,
Nico

















